Verslag Femma Nerum op de Via

Met de Femma-Neremwandelclub stapten we in 2025 de Via Christina Mirabilis. Op allerlei manieren was ik verbonden met Christina: een werkje ooit in de kandidaturen geschiedenis, mijn werk in Ziekeren, mijn pelgrimstochten naar Compostela. Vermits er meer Femma’s al pelgrimswegen naar Compostela gestapt hadden was het snel duidelijk dat wij die 100 km ook zouden stappen.

Op 6 maart 2025 startten we in het Minderbroederklooster van Sint-Truiden. Met een eerste-stempel voelden we ons weer pelgrims. Aan het oude Ziekeren legden we al snel de link tussen Christina en de psychiatrie. De banken aan de kapel van de Bruine Lieve Vrouw waren een ideale stopplaats om met  teksten uit het Christinaboek voor een rustig-bezinnende sfeer te zorgen. De tocht door voor ons minder bekende dorpen was prachtig en de Cicindriabeek volgen was een genot. Een meevaller was dat de route net bewegwijzerd was zodat we onze gsm konden wegsteken. Einde: de bushalte op de Tongerse steenweg in Brustem. 

Op tweedaagse:

De 2daagse van april startte in Brustem. Zowel Brustemburcht als de Eucheriuskapel maakten indruk. We ontdekten heel wat over Christina en haar tijd. De verdere tocht tot Borgloon was voor ons bekend terrein maar de kapel van Helshoven vroeg toch om een stop. In Borgloon:  eindelijk iets open om te drinken! Vermits we slapen gereserveerd hadden in Hoepertingen kozen we ervoor om vanaf Borgloon over te stappen op de route van het Fruitspoor  richting de Herk met in het begin het beeld van Tinel. Aan de Herk bleven we op het Fruitspoor tot Chateau-de-Looz. Zalige plek om te overnachten. ’s Anderendaags maakten we de aansluiting op de route in Oetersloven. Zowel daar als later in het ons al bekende Ulbeek en Wellen waren we dankbaar voor de spirituele teksten uit de gids. Dat er in Wellen zoveel was dat met Christina te maken had verraste ons. Het gedeelte Wellen-Kerniel was Haspengouw-op-zijn-best: prachtige maar soms erg natte paden, een zee van paardenbloemen en fruitbomen in bloei met het kerkje van Kerniel en het klooster van Colen als achtergrond. Toch even zeggen dat we onderweg net als op Compostelatochten heel wat babbels met toevallige voorbijgangers. We eindigden in Borgloon met een bezoek aan De Kluis. De pastoor werd ingeschakeld en 14 tevreden Femma’s ‘voelden er zich verwacht’ bij Christina cfr de tekst van Evi.

Van Kerniel naar Borgloon en verder

In juli stapten we van Kerniel via Jesseren en Grootloon naar Borgloon. Wat ons bijbleef: de wondermooie omweg naar de Odiliabron en het prachtige panorama op het hogere punt in Jesseren. Dat de combinatie van Grootloon en de Pit-kunstwerken waaronder het befaamde doorkijkkerkje uniek zijn wisten we van vroegere tochten..

In het Begijnhof van Sint-Truiden

In oktober stapten we van de Genovawaterput tot Sint-Truiden. De muurschilderingen vol symboliek in de kerk van Zepperen verrasten velen. In de regen bereikten we Nieuwenhoven. Alles potdicht maar we konden even schuilen. De weg naar de Metstermolen vinden was niet moeilijk. We zagen er de kracht van water. Het onthaal was er hartelijk. Douchen, eten, babbelen en een rondleiding in de molen: dat was het programma. Een indrukwekkende platanendreef liet ons ’s anderendaags Nonnemielen bewonderen, het klooster dat voor Christina en ook voor onze Sint Lutgart zoveel betekende. Snel vonden we de pleisterplek van Asster in Melveren. Spontaan ging ons gesprek er over psychische problemen want iedereen had er al (on)rechtstreeks mee te maken gehad. Met een gepersonaliseerd boomschijfje aan de rugzak ging de route verder tot we net buiten het circuit de Sikhtempel zagen. Dat ‘ommetje’ deden we en een rondleiding en een kopje thee met een hapje konden we niet afslaan. Het Begijnhof van Sint-Truiden was niet meer veraf: een stemmig geheel hebben de begijnen, typisch voor onze streken, hier nagelaten. We bewonderden in de kerk de muurschilderingen en stapten langs de Jacobskerk-met-schelp naar de sobere Sint-Gangulfuskerk die ondanks de werken open was. Via de Abdij bereikten we de ‘spiegel-naar-onszelf’ voor de Onze-Lieve-Vrouwekerk waar Koster Johan Van Herck, ook een Compostelapelgrim ons, zijn pelgrims opwachtte. Bij een glaasje bubbels konden we onze tochtervaringen kwijt… We kregen nog een rondleiding in de kerk en zelfs in de schatkamer waar we het reliekschrijn van onze Christina konden bewonderen. Een prachtige afsluiter van onze wonderbare Christinatocht vol symboliek, teksten, intense babbels, prachtige landschappen en een groot gevoel van verbondenheid. 




Riet Van Cleuvenbergen


Vorige
Vorige

In Wellen staat een… kapel (afl.2)

Volgende
Volgende

Met deze man is alles begonnen…